Over het tracé

In 2009 zijn op basis van de voor het project opgestelde Startnotitie en Richtlijnen zes alternatieven voor het tracé van Borssele naar Tilburg bedacht. Uit deze alternatieven is in 2011 een voorgenomen voorkeursalternatief gekozen die begint in Borssele en vervolgens via Rilland, Bergen op Zoom, Geertruidenberg eindigt in Tilburg. Vervolgens is in 2014 besloten het voorgenomen voorkeursalternatief vanaf Roosendaal Borchwerf tot Tilburg te wijzigen. Deze wijziging van het 'noordelijke naar het 'zuidelijke tracé' leidde tot een nieuw voorgenomen voorkeurs tracé langs Etten-Leur, Breda en Oosterhout. Dit besluit stuitte op kritiek uit de regio. De regio is vervolgens door de minister van Economische Zaken in de gelegenheid gesteld om voorstellen voor alternatieve tracés in te dienen. Onafhankelijk onderzoeksinstituut Deltares heeft de minister geadviseerd om alle ingediende alternatieven, die op hoofdlijnen haalbaar zijn, in de vervolgstappen te betrekken. Dit advies is door de minister overgenomen. In 2016 worden de door de regio aangedragen alternatieven en varianten nader uitgewerkt en aan de procedure voor Zuid-West 380 kV Oost (Rilland – Tilburg) toegevoegd. Ook reeds bestaande alternatieven worden geactualiseerd naar de huidige wet- en regelgeving en ontwikkelingen die hebben plaatsgevonden. De reeds opgenomen alternatieven die niet meer haalbaar zijn door de toepassing van 4 circuits 380kV worden uit de procedure gehaald. De actualisatie van de alternatieven geldt ook voor het gedeelte tussen Rilland een Roosendaal Borchwerf, waar in 2014 geen wijziging van het tracé heeft plaatsgevonden. Alle alternatieven worden hierna beoordeeld op diverse (milieu)aspecten. Vervolgens zal de Minister in juni 2017 uit deze alternatieven een nieuw voorgenomen voorkeursalternatief van Rilland tot Tilburg bepalen.